16 februari 2017

GOEDE WIJN …

Geschreven door AnnaElise

GOEDE WIJN…

Als het over de kerken in Nederland gaat, dan krijgt het gesprek al snel een sombere toon. Dan gaat het over krimp en vergrijzing, over crises en problemen. Oudere kerkleden vertellen met weemoed hoe het vroeger was en wat er nu allemaal niet meer is. Het zijn gesprekken over gemis. En die kunnen deprimerend en verlammend werken.

Ook rapporten van kerkelijke instanties, van sociologen of van kerkelijke opbouwwerkers beginnen vaak bij de neergang, de afname, de teloorgang van het eens zo bloeiende kerkelijke leven. De Nederlandse rooms-katholieke bisschoppen betitelden zichzelf een aantal jaren gelegen als ‘krimpmanagers’. Het gaat allemaal achteruit en zij dienen dat proces in goede banen te leiden. Fusies, kerksluitingen, opheffing van pastorale dienstencentra, vermindering van het aantal classes in de PKN: dat zijn de thema’s die de kerkelijke agenda in Nederland lijken te bepalen.

Maar vormen zij ook de kern van onze eigen kerkervaring? De vorig jaar overleden pastoraaltheoloog Jan Hendriks, lange tijd docent gemeenteopbouw aan de VU in Amsterdam en de laatste periode van zijn leven woonachtig in Oosterbeek, heeft in zijn jongste publicaties een andere aanpak bepleit. Laten we elkaar niet de kerkelijke put in praten, zo zei hij. Laten we het niet steeds hebben over wat allemaal niet meer lukt, maar laten we elkaar eens vertellen wat er wél goed gaat. Laten we beginnen bij de goede ervaringen, bij wat lukt, bij de dingen waar we vreugde uit putten.

De goede wijn dus. Iedereen kent de uitdrukking ‘goede wijn behoeft geen krans.’ Maar toch vertellen we het elkaar graag wanneer we van een goed glas wijn hebben genoten. Laten we dat ook vooral doen. Want goede wijn behoeft af en toe ook een krans. De goede dingen mogen benoemd en geprezen worden: een pluimpje op zijn tijd werkt bemoedigend. En, aldus Jan Hendriks, goede wijn heeft ook een fles nodig om in te kunnen rijpen en om uitgeschonken te kunnen worden. Daarom hebben goede kerkervaringen ook een structuur nodig: de kerk zelf. Zij is als het ware de fles waarin religieuze wijsheid, levenservaring, troost en bemoediging kunnen rijpen en van waaruit ze kunnen worden uitgeschonken, zodat wij er allemaal van kunnen genieten.

Genieten: dat is een sleutelwoord in de benadering van Jan Hendriks. In zijn boeken bepleit hij om ieder gesprek over de toekomst van de kerk te beginnen met het delen van onze goede kerkervaringen, onze ‘yes-momenten’, momenten waarop we dachten: ‘wat fijn dat de kerk er is en dat ik dit mag meemaken, dat ik er deel van mag zijn.’ Waarderende Gemeenteopbouw, zo noemde Jan Hendriks die benadering. En die begint met het onder woorden brengen en aan elkaar toevertrouwen van positieve ervaringsverhalen met de kerk. Toevertrouwen: een passend woord. Want om vertrouwen gaat het. Vertrouwen, zo schreef Jan Hendriks, is de grondtoon van Waarderende Gemeenteopbouw. Vertrouwen ziet het goede dat er gebeurt, maar vertrouwen geeft ook de kracht om los te laten en te ontspannen. Wij hoeven de kerk niet in ons eentje te redden. Laten we vooral delen met elkaar wat we aan positieve ervaringen hebben. Laten we elkaar opstekers gunnen.

Toen onze ijverige secretaris onlangs de ledenlijsten van onze gemeente van de afgelopen jaren met elkaar vergeleek, hoorden wij zo’n opsteker: ondanks het wegvallen van leden door overlijden en verhuizing telt onze gemeente nu tien leden meer dan twee jaar geleden. Sinds de start van de landelijke campagne van de remonstranten is het ledental van onze gemeente gegroeid van 132 naar 142 leden. En ondanks de vergrijzing waar elke kerkelijke gemeente mee te maken heeft, is de gemiddelde leeftijd in onze gemeente met enkele jaren gedaald. Natuurlijk: het kan altijd beter, en de gemiddelde leeftijd is nog altijd boven de 70. Maar het verhaal dat onze gemeente dramatisch krimpt, klopt niet. Een opsteker!

Hebt u de laatste tijd ‘yes-ervaringen’ met de kerk gehad? Deel ze met elkaar en deel ze met mensen in uw vrienden- en familiekring. Misschien willen zij er ook wel van mee genieten. En geef elkaar eens een complimentje voor wat er allemaal goed gaat. Want inderdaad: goede wijn behoeft geen krans. Maar af en toe tegen elkaar zeggen dat de wijn goed smaakt, dat kan geen kwaad.

Ds. Peter Nissen

 

Plaats een reactie





Gerelateerd